De voorbije weken zijn er meerdere bezorgdheden geuit, zowel van burgers als van gemeenten, rond onder meer (kadavers van) vossen en de aanwezigheid van schurft.
Hierbij een kort overzicht over de problematiek rond schurft bij vossen:
Achtergrond Schurft bij vossen :
Sarcoptes-schurft wordt veroorzaakt door de mijt Sarcoptes scabiei, die microscopische tunnels graaft in de huid van o.a. vossen, wat leidt tot ontstekingsreacties en hevige jeuk. De mijten vermenigvuldigen zich snel, waardoor binnen twee weken hoge aantallen ontstaan. De mijt kan occasioneel ook mensen besmetten, maar dit verloopt meestal mild en is goed behandelbaar, echter bij immuun-gecomprommiteerde personen dient het wel grondig opgevolgd te worden. Honden en katten kunnen eveneens besmet raken, maar reageren doorgaans milder en kunnen effectief behandeld én preventief beschermd worden met de juiste middelen beschikbaar via de dierenarts.
Symptomen bij geïnfecteerde vossen :
- De ziekte manifesteert zich in de vorm van ernstige huidontsteking, resulterende in hevige jeuk, verdikking van de huid en haarverlies.
- Het ziektebeeld leidt veelal tot verzwakking, gedragsveranderingen, secundaire infecties en sterfte.
- In een vossenpopulatie die voor het eerst in contact komt met Sarcoptes-schurftmijt ligt zowel het ziekte– als sterftecijfer zeer hoog.
Overdracht en voorkomen :
Sarcoptes-schurft is een veelvoorkomende ziekte bij vossen in Europa en kan zowel endemisch als epizoötisch optreden, met lokale populatieachteruitgang tot wel 95%. De overdracht gebeurt vooral via direct contact, maar ook via de omgeving, en is grotendeels afhankelijk van de vossendensiteit. Bij hoge densiteit neemt de transmissie toe, maar ook bij lage dichtheid kan verspreiding blijven bestaan door veelvuldige sociale interacties. Bij een eerste uitbraak treedt vaak een ernstige epizoötie op, maar op lange termijn stabiliseert de situatie meestal in grote, zelfonderhoudende populaties, met mogelijk een overgang naar een endemisch patroon.
Problematiek en mogelijke beheersacties :
- Doordat de vossen na infectie dichter bij de mens komen (doordat ze gedeeltelijk vachtverlies hebben en op zoek naar warmte), zijn zowel de zieke als gestorven dieren veel zichtbaarder voor de bevolking. Aangezien er een duidelijke dierenwelzijnscomponent aan verbonden is, is er bij de bevolking een grote bezorgdheid, dit zowel voor de vossen zelf, als voor de huisdieren en de mens.
- Het beheer van ziekten in het wild kan verschillende vormen aannemen, echter, het beheer door middel van medicineren van vossenpopulaties in het wild die in een hoge densiteit aanwezig zijn is in veel gevallen en in een stedelijke context zowel logistiek als praktisch niet haalbaar. Wel kan er ingezet worden op het verwijderen van kadavers en van zeer ernstig aangetaste dieren om de infectiedruk te verminderen. Daarnaast is habitat-manipulatie, onder meer het afval- en zwerfvuilbeheer, zeer belangrijk om het contact (en dus het contact) tussen de vossen te verminderen alsook om ervoor te zorgen dat de dieren zelf hun voeding dienen te vangen en op die manier kwalitatief betere voeding hebben, wat leidt tot een betere gezondheid en weerbaarheid tegen infecties.
- Ook voor vossen met uitgebreide letsels die worden binnengebracht in een opvangcentrum is het niet steeds wenselijk om een behandeling tegen schurftmijt op te starten, dit wegens de zeer lange behandelingsduur, welke voor wilde dieren een duidelijk negatief effect heeft op het dierenwelzijn (wegens langdurig verblijf in gevangenschap).
Zieke en verzwakte vossen in de buurt: wat te doen ? Leefmilieu Brussel informeert u.
Vous avez trouvé un renard adulte, que faire ? De LRBPO adviseert u.